Kunst geschiedenis 1e les
Van Malou Wolfs
19 eeuw staat in het eerste blok centraal.
Du champ – als voorbeeld noemt Malou in plaats van de urinuare het werk met mona Lisa.
Voorwaarden voor kunst:
- Ambachtelijkheid
- gevoel
- vernieuwend
Romouald Hazoum
maskers van afval
Guillaume Bijl
replica’s van gymzalen – supermakt
site haags gemeente museum. Daar staat een test.
30 september gaat de les niet door!
14 oktober vervalt de les ook
Les 2
Neoclassicisme
1750 – 1825 eindigt het neoclassicisme. Het een nieuwe belangstelling voor de klassieke oudheid. Democratie komt uit Athene.
In het midden van de 18 eeuw (1710) is er opeens weer interesse voor de klassieke kunsten. Dat kwam door archeologische vondsten. Het theater van herculaneum. Interesse naar wetenschap. Vesuvius – Pompeii.
Johann Joachim Winckelmann (1717-1768
Johann Joachim Winckelman. Archeoloog en kunstenaar. Hij had een geidialiseert beeld van de grieken. Hij was afhankelijk van macht. Dat vond hij frustrerend omdat hij zelf arm was. Daarom was hij negatief over de samenleving. En daar tegenover stelde hij de Griekse samenleving. Omdat de omstandigheden van het leven van de grieken maakt het mogelijk dat de kunst op zo’n hoge kwaliteit is. Hij vind dat goede kunst over schoonheid gaat.
Apollo Belvedere, Romeinse kopie (2e eeuw na chr.) naar het griekse orgineel dat van brons was uit ca. 350-325 vr.chr.
Winckelmann schreef in een brief aan een vriend over dit beeld. Hij vond schoonheid iets wat rust, eenvoud uitstraalde. Hij vond dat goede kunst niet alleen mooi moet zijn maar je moet er ook een beter mens van worden als je er naar kijkt. (zie kopietje)
Fragonard, de schommel, 1779
Roccoco. Erotiek schilderij. Winckelmann vond dat niks.
1755 schrijft winckelmann een boek waarin hij kunstenaars aanraad de klassieken te volgen. “de enige manier om groot, ja, zo mogelijk onnavolgbaar , te worden bestaat in de navolging van de antieken’
1764 schrijft hij een kunst geschiedenis boek over de klassieke kunsten. Hij schreef het in Romen. Daar wonende hij daar. Hij beschrijft die geschiedenis als dat van de natuur. Lente, zomer, herfst, winter. Opkomst – bloei- verval. De bloei is de 5e- 4e eeuw voor christus.
Nimesis
Hermes, van praxiteles, vierde eeuw voor chr.
Farnese Hercules, ca. 2-3 de eeuw na chr.
Hij moende dit verval. Dit ging na de 4e eeuw na chr.
Demosthenes, Romeisnse kopie. Waarschijnlijk door Polyeuctes 280 na chr.
Ingres, de daagster van Valpinqon, 1808
Heldere contuurlijk van Winckelmann.
Canova, Theseus en de minotaurus, 1781-83
Hij kwam uit venetie. Meest verward met de klasieke oudheid. Half mens half stier. Het is het moment van rust. Het is van marmer.
Canova, Perseus met het hoofd van Meduas. 1800
Canova, Amor en Psyche, 1787-1793
Canova, Paolina Borghese, 1804
Graf beeld. Rust. Hij vond haar de mooiste vrouw. Ooit ingesmeerd geweest met roze was.





Geen opmerkingen:
Een reactie posten